Parasieten, ziektes en hun bestrijding

Uit Carnivora Verzorging
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Parasieten

Bladluizen

Bladluizen zijn kleine insecten die met hun zuigsnuiten gaatjes prikken in stengels en bladeren van onze planten en plantensappen onttrekken aan de planten. Als het aantal bladluizen gering blijft dan hebben de planten daar niet zo veel last van, maar bladluizen kunnen zich naar verhouding snel voortplanten zodat er na een tijdje wel veel bladluizen zijn waardoor de schade aan de planten toch groter wordt. Bovendien scheiden bladluizen honingdauw uit zodat de delen waar bladluizen zitten of hebben gezeten een kleverig laagje op diverse plantendelen achterblijft waarop zwarte roetdauwschimmels gaan groeien. Dit is zeker voor siergewassen, zoals chrysanten bijvoorbeeld onacceptabel. Op plekken waar bladluizen zitten zijn witte vliesjes te zien. Dit zijn de oude huiden van bladluizen die kort daarvoor verveld zijn. Voor carnivoren heeft dit ook zeker een verlies van de sierlijke waarde. Bovendien kunnen bladluizen ook plantenvirussen overbrengen.

Zowel als beroepsteler als hobbyist kan je voor onaangename verrassingen staan als er niet wekelijks wordt waargenomen. Dat betekent dat bijvoorbeeld bij het geven van water aan de planten tegelijk gekeken moet worden of er geen ongewenste bezoekers zijn. Een populatie bladluizen kan binnen een zeer korte tijd zeer snel toenemen. Dit wordt veroorzaakt door; ongeslachtelijke voortplanting (vrouwtje produceren alleen vrouwtjes) en de vrouwtjes zijn levendbarend (ze zetten hun jongen direct levend op de wereld). Dit levert een toename in aantal op die bijna 8 maal zo groot is van insecten van vergelijkbare grootte.

Het type bladluis waar we het meeste hebben te maken is de groene perzikluis (Myzus persicae). Deze soort is het gehele jaar door in de kas of in de serre of vensterbank (overal dus!) te vinden, maar ook buiten slaan ze toe buiten de koude maanden, zowel op groenten als op sier- en bladplanten. Bij allerhande planten worden vaak jonge scheuten aangevallen door deze plaaggeesten. Ze boren met hun zuigsnuiten een gaatje in de jonge uitlopers van de planten en als het aantal bladluizen erg groot is, raakt deze vergroeid. De jonge scheuten zijn totaal vervormd en zijn vaak zelfs niet in staat om te bloeien. Ook aangetaste Fuchsia’s vertonen vergroeiingen, waarbij de bladluizen voornamelijk op de jongere stengels zitten of aan de onderkant van jonge bladeren, terwijl de bladeren op een opvallende manier scheef en kronkelig groeien. Maar ook tasten ze andere delen van planten aan, bijvoorbeeld bij Bougainville en Hibiscus is het bekend dat ze in (pasgeopende) bloemen zitten. Let er ook op dat bladluizen vaak op onverwachte plaatsen zitten, bijvoorbeeld aan de onderkant van de bladeren van de planten.

Er zijn nog een paar andere soorten luizen die regelmatig te zien zijn op onze kamerplanten en die gemakkelijk overgebracht worden op andere planten binnen dezelfde ruimte. Een bekende is de wol-luis. Deze soort is vaak te vinden op groene kamerplanten, zoals op Ficus en Dracena’s. Deze kleine beestjes zijn te herkennen aan de kleine witte stippen die bij een nader onderzoek hele kleine witte draden blijken te zijn. Een andere luis die ik wel eens op kamerplanten heb aangetroffen is dopluis. Dit beestje dankt zijn naam aan het feit dat hij in een soort koepeltje van een paar millimeter doorsnede leeft en zich daaronder schuil houd. De oudere dieren zijn meestal donkerbruin van kleur, terwijl de jongeren lichtbruin zijn.

Gelijk met de planten gaan in veel gevallen ook luizen en Thrips een soort winterrust in. Dit gebeurt als het kouder wordt dan +5ºC en ze overwinteren dan onder het grondoppervlak. Pas het volgend voorjaar als de temperatuur weer ruim boven de 5ºC komt dan komen de plaaggeesten weer tevoorschijn. Dus als de planten in het voorjaar weer gaan groeien komen de plaaggeesten ook weer.

Waarnemen

Een goede manier om er achter te komen of er bladluizen in de omgeving zijn in een kas of in een andere ruimte is het ophangen van kleverige stukken plastic of karton, die de meeste tuincentra verkopen. Deze platen bezitten meestal een felle kleur. Door dagelijks te kijken wat voor beesten er op de plakplaten zitten heeft men doorgaans een indruk wat voor (onaangename) bezoekers er in de kas aanwezig zijn.

Bestrijden

Rupsen

Rupsen kunnen aan vele gewassen aanzienlijke schade veroorzaken. Planten in de kas worden gezocht door deze veelvraten, maar planten die buiten staan lopen veel meer gevaar om door rupsen als een lekkere maaltijd te dienen. Rupsen vinden elk bovengronds onderdeel van de planten lekker, behalve de vruchten en zaden, en hebben het niet gemunt op bepaalde onderdelen van onze planten.

Levenscyclus

De vlinders leven ongeveer 1 tot 2 weken. In die tijd leggen de vrouwtjes ongeveer 200 eitjes op de onder- of bovenzijde van de bladeren; afzonderlijk of in kleine groepjes van 3 tot 8 stuks. Na ruim een week kruipen de eerste rupsjes uit het ei. De rupsjes zijn ongeveer na 4 weken volgroeid, waarna zij zich verpoppen en na 2 weken zijn ze een vlinder en is de cyclus voltooid.

Waarnemen

Het schudden aan de planten doet de vlinders opvliegen en kunnen makkelijk gevangen worden als ze op een lage plaats gaan rusten. De rupsen zijn echter moeilijker te vinden. Je moet vooral op verborgen plaatsen zoeken, wat in feite onbegonnen werk is qua tijd. Dit kan zowel op het gewas zijn, in de spinsels tussen de bladeren en onder plastic gietgoten. Spinselresten, samengesponnen bladeren, uitwerpselen (vieze, bruine of zwarte bolletjes onderaan de plant of op de potgrond die de rupsen kaal eten) en vraat aan de planten vormen aanvullende aanwijzingen voor waar de rupsen verscholen zitten. Het zou niet onverstandig zijn om planten waar deze kenmerken opgemerkt zijn apart te houden om verdere aantasting van de rest van de kas of ruimte te voorkomen.

Bestrijding

Varenrouwmuggen

Ondanks dat dit een bekende plaag binnen de tuinbouw is, zijn er veel mensen die niet weten wat voor soort insect dit is, vooral onder de hobbisten. De volwassen diertjes zijn niet schadelijk, maar de larven wel. De larven kunnen flink wat schade veroorzaken bij pas verspeende plantjes, bijvoorbeeld. Ze tasten de wortels aan en vreten de wortels soms helemaal weg, waardoor de plantjes sterven. Tot voor kort tijd dacht men aan grondaaltjes, maar nu is duidelijk dat het om een ander insect gaat.

Het gaat om de varenrouwmug, met als latijnse naam Sciara prothalliorum. De volwassen beestjes zijn hele kleine mugjes die veel lijken op fruitvliegjes. Ze zijn familie van de welbekende huisvlieg. Maar de volwassen vliegjes komen niet op fruit af, maar zijn altijd rondom planten te vinden, met name zul je ze vaak op het grondoppervlak vinden. Een volwassen varenrouwmug leeft maar 1 week. Ze komen vaak op het grondoppervlak voor, waarbij ze veel over het grondoppervlak lopen. Na de paring leggen de vrouwtjes ca 100-150 eieren onder het grondoppervlak, die binnen 2 á 3 dagen uitkomen.

De larven leven net onder het grondoppervlak. Ze voeden zich voornamelijk met rottend organisch materiaal, algen en schimmels. Maar ook met wortels van onze planten! De ideale omstandigheden voor varenrouwmuggen is in een warme, vochtige kas. Ze komen ook in de buitenlucht voor, maar niet bij koude en droge omstandigheden, zoals tijdens de wintermaanden. Er is een manier om te zien of ze aanwezig zijn. De larven laten namelijk net als slakken een slijmspoor na op het grondoppervlak, welliswaar in mindere maten als slakken, maar wel duidelijk te zien.

Wouter Noordeloos heeft het volgende bij zijn 1-jarige Sarracenia plantjes waargenomen. 3 weken na het verspenen ontdekte hij dat de plantjes zich niet happy voelden. De groei bleef achterwege en de kleine bekertjes begonnen te verschrompelen. Na enig onderzoek heeft hij de grond bekeken en vond de daders. Hij zag de hele kleine doorzichtige wormpjes tussen de gronddeeltjes en de resten van de zaailingen. Ook bij volwassen planten van mexicaanse Pinguicula’s komt hij ze tegen. Daarbij eten ze niet alleen de wortels, maar ook van de bladeren die plat op het grondoppervlak liggen. Ze komen zo uit de grond en beginnen aan de onderkant van het blad te knagen, zodat ze niet zelf gepakt zullen worden. Ze maken hele kleine ronde gaatjes in de bladeren. Ze zullen zeker geen hele of complete bladeren opeten, maar een fraai gezicht is het niet.

Varenrouwmuggen zijn berucht bij o.a. kerststerren, orchideen, perkgoed en dus ook bij vleesetende planten.

Bestrijding

Ziektes

Botrytis (Grauwe schimmel)

Botrytis cinerea kan onder bepaalde omstandigheden vrijwel ieder gewas in meer of mindere mate aantasten. Deze schimmel kan vrijwel op elk gewas voorkomen; fruitbomen, groenten, siergewassen, bollen, bloemen en houtige gewassen. Veelal planten die in een vochtige omgeving staan kunnen gegrepen worden door deze schimmel als het dode blad niet wordt verwijderd, zoals bij kamerplanten, bijvoorbeeld bij Kalangoee, Cyclamen en potchrysanten die snel bezoek krijgen van deze schimmel, waardoor de planten snel achteruitgaan in kwaliteit. De schimmel slaat toe onder koele, natte omstandigheden.

Het ziektebeeld wat deze schimmel veroorzaakt is sterk afhankelijk van de plant waar de schimmel op zit, ook wel de waardplant genoemd. Bij rozen ziet men bijvoorbeeld dat de takken afsterven, bij tulpen en andere bolgewassen treedt bolrot op, bij sla ontstaat smet en smeul en bij komkommers rotten de vruchten weg. In vrijwel alle gevallen zal op de aangetaste plantendelen een grauw/grijs poederig schimmel-pluis te vinden zijn.

De schimmel ontwikkelt zich het beste bij een hoge luchtvochtigheid en een lage temperatuur. Infectie vind plaats door middel van sporen die door wind of water verspreid worden. In kassen zijn de sporen de belangrijkste structuren van Botrytis cinerea. Op dode, vochtige plantendelen kunnen ze makkelijk kiemen, zoals op de dode bladeren van potchrysanten en geraniums.

Bestrijding

Echte meeldauw

Echte meeldauw (soms witziekte genoemd) is de naam voor een groep van schimmels die veel verschillende plantensoorten kan aantasten.

Op de aangetaste planten ontstaan eerst witte poederachtige vlekken, die in een later stadium het gehele oppervlak bedekken. Het poeder bestaat uit sporen. Niet alleen de bladeren maar ook de stengels kunnen aangetast worden. Meestal worden de onderste bladeren het eerst aangetast.

Echte meeldauw groeit oppervlakkig op een waardplant, waarbij de schimmel de plantencellen binnendringt. Ze doorboren de celwand maar niet het celmembraan.

Het herkennen van het veschil tussen echte meeldauw of valse meeldauw is vrij eenvoudig:

Bestrijding

Links

Interessante sites waar informatie te vinden is over Parasieten en ziekten:

Persoonlijke instellingen
Naamruimten
Varianten
Handelingen
Algemeen
Per Soort
Hulpmiddelen